Een boom planten is een langetermijninvestering in de toekomst van uw omgeving. Het is dus belangrijk een verstandige keuze te maken. Met de honderden soorten die in de kwekerijen verkrijgbaar zijn, kan die keuze een hele opgave lijken. De volgende gids leidt u stap voor stap door de belangrijkste aandachtspunten en helpt u zo de juiste bomen voor uw tuin te vinden. U kunt uw boom zelf aanplanten of een beroep doen op onze boomplantservice.

Balise Alt

Begin met een schets te maken om een algemeen beeld te krijgen van uw tuin:

Voordat u het soort boom of struik kiest dat u wilt planten, stellen we voor dat u eerst eens een schets maakt van uw eigendom. Maak een overzicht van uw huis, terras en tuin, zodat u een goed beeld krijgt van de grenzen, het reliëf en de bestaande en de toekomstige inrichting. Houd daarbij ook rekening met opritten, muren, bloembedden en de nabijheid van het eigendom van uw buren.

Balise Alt

Verwachtingen en doelstellingen:

Vervolgens schrijft u uw doelstellingen op. Wat wilt u bereiken door een boom aan te planten?

  • Schaduw?
  • Bloemen?
  • Herfstbladeren?
  • Fruit?
  • Biodiversiteit voor de plaatselijke fauna (insecten, vogels)?
Balise Alt

Beperkingen van uw tuin:

Houd rekening met eventuele restricties, beperkingen of bestaande omstandigheden die aan uw eigendom verbonden kunnen zijn:

  • Beschikbare ruimte
  • Nabijheid van ondergrondse pijpleidingen
  • Plaats van bovengrondse elektriciteitsleidingen
  • Stedenbouwkundige voorschriften van uw gemeente
  • Gevolgen van de boom voor mijn buren (zicht, vallende bladeren in de herfst, schaduw)

Al deze overwegingen spelen een rol als u een boom wilt die over tien jaar, wanneer hij begint te groeien, aan uw behoeften en doelstellingen beantwoordt. Als u een grote boom te dicht bij uw huis plant, moet u hem misschien snel vervangen of veel geld uitgeven om hem te laten snoeien, klein te houden of de takken uit de buurt van uw huis te houden of misschien zelfs uw dakgoten (en die van uw buren) te ontdoen van afgevallen bladeren.

Specifieke criteria:

Alvorens een boomsoort uit te kiezen, moet u eerst de eigenschappen bepalen die aan uw behoeften beantwoorden en waaraan waarschijnlijk meer dan één soort zal voldoen. Daarbij gaat het er grotendeels om de minder goede opties uit te sluiten om zo uiteindelijk de beste keuze te maken uit de overblijvende opties die wel geschikt zijn.

Hebt u precies gevonden wat u zoekt en weet u welke opties er zijn, dan kunt u naar de kwekerij gaan om te kijken wat er beschikbaar is en binnen uw budget past. Ons bedrijf kan u van advies dienen bij de keuze van uw boom en u helpen bij het aanplanten.

Hoogte van de boom:

Over het algemeen moet de boomaanplant in verhouding staan tot de grootte van uw perceel. Grote bomen die te veel schaduw werpen op een klein perceel in een stedelijk gebied zijn niet erg aantrekkelijk. Bovendien laten ze geen zonlicht in huis of tuin toe.

Het is ook belangrijk geen bomen te planten op plekken waar hun wortels schade zouden kunnen toebrengen aan funderingen, terrassen, paden en muren. Een vuistregel daarbij is bomen te kiezen die binnen de beschikbare ruimte passen en niet meer dan 30% hoger zijn dan de omgeving. Een boom die bijvoorbeeld 3 meter hoog wordt, mag niet meer dan 1 meter boven de gebouwen uitsteken.

  • Struiken (±1,5 meter tot ±3 meter hoog) zijn heel geschikt voor kleinere locaties in de stad en als blikvangers op tal van grote of kleine percelen. Hoewel struiken van dit formaat heel weinig schaduw bieden, kunnen ze op kleine percelen toch heel nuttig zijn.
  • Middelgrote bomen(3 tot 10 meter hoog) bieden veel schaduw en passen goed bij een doorsnee perceel van ± 10 are. Wanneer ze volgroeid zijn, zullen ze het aanzicht van uw eigendom volledig veranderen en meestal is er professionele hulp nodig bij het snoeien en de bestrijding van parasieten.
  • Grote bomen(meer dan 10 meter tot 18 meter hoog) doen er tientallen jaren over om volwassen te worden, maar zijn van onschatbare waarde voor toekomstige generaties en zullen de waarde van een huis verhogen, als ze oordeelkundig uitgekozen worden. Ze zijn over het algemeen alleen geschikt voor percelen van 20 are of meer.

Vergeet ook niet dat er middelgrote bomen (minder dan 3 meter hoog) bestaan die geschikt zijn voor mensen met alleen een patio, kleine tuin of terras. Veel fruitbomen vallen in deze categorie, net als sommige sierboomsoorten die gewoonlijk op deze manier gekweekt worden, zoals Japanse esdoorns.

Balise Alt

Tolerantie voor omgevingsfactoren:

Verschillende soorten bomen betekent ook verschillende vereisten qua groei. Het is dus zaak een overzicht te maken van de omstandigheden waaraan uw exemplaar zal worden blootgesteld. Sommige daarvan kunnen gemakkelijk gewijzigd worden, terwijl andere meer intrinsiek van aard zijn. De opwarming van de aarde en onze keuze voor biodiversiteit zetten ons ertoe aan verschillende soorten bomen en struiken voor te stellen, die u hieronder vindt.

Balise Alt

Bodemsoort:

  • Sommige bomen verdragen zware klei, terwijl andere zich hebben aangepast aan lichte zandgrond;
  • Rijke, vruchtbare grond is van essentieel belang voor sommige soorten, maar er zijn ook bomen die goed gedijen in rotsachtige en dorre omgevingen;
  • Sommige zijn specifiek geschikt voor zure of alkalische grond, terwijl andere het op beide bodemsoorten goed doen.

Al deze factoren kunnen tot op zekere hoogte worden gewijzigd met behulp van onze bodemverbeteraars om het wortelsysteem van uw boom te verbeteren.

Neerslag:

Sommige bomen hebben maar weinig water nodig om zich gedurende hun eerste twee jaar te ontwikkelen, terwijl andere dan weer zullen lijden onder een gebrek aan water. Bij de meeste is het aangewezen ze de eerste 2-3 jaar water te geven om hun wortels te helpen ontwikkelen. Daarna zijn ze op zichzelf aangewezen en, als de grond zorgvuldig werd uitgekozen, zullen hun wortels het wel redden.

Onze tensiometer kan u ook helpen bepalen hoeveel water u uw bomen moet geven en het aantal besproeiingen optimaliseren.

Gronden die van nature de hele tijd vochtig zijn, zoals aan een vijver, vereisen zeer specifieke soorten. Indien nodig kunt u altijd irrigeren, maar het is de moeite waard om te overwegen hoe gemakkelijk dat zal zijn (d.w.z. hoe ver van een kraan of een bestaand irrigatiesysteem de boom staat). Om verspilling tegen te gaan, moet u altijd rekening houden met het klimaat en proberen geschikte soorten te planten die zich goed aanpassen aan de natuurlijke neerslagpatronen.

Groenblijvend of bladverliezend?

De groenblijvende hulst kan gebruikt worden als boom of haag. Bovendien is hij in de winter een lust voor het oog, want de bladeren blijven de hele winter door weelderig en groen. Bovendien zal hij ongewenste indringers buitenhouden als hij als haag wordt gebruikt.

Kiezen of u een groenblijvende of bladverliezende boom wilt, vormt een belangrijke stap in het selectieproces.

  • Naaldbomen zien er weelderig en groen uit in de winter, wanneer de meeste planten in winterrust zijn. Maar over het geheel genomen zijn er betrekkelijk weinig groenblijvende bomen verkrijgbaar, vooral voor onze noordelijke klimaten.
  • Bladverliezende bomen verliezen weliswaar hun bladeren, maar bieden vaak bijkomende voordelen in de vorm van mooi herfstgebladerte en een mooie takkenstructuur. Loofbomen laten ook zonlicht door in de periode waarin dat het meest nodig is en bieden schaduw en koelte gedurende hete zomers.
Balise Alt

Vereisten inzake verzorging en onderhoud:

Als u een boom afstemt op de omstandigheden op uw eigendom, kunt u het onderhoud ervan tot een minimum beperken. Plant u iets dat van vocht en rijke grond houdt in een droge, rotsachtige streek, dan zal het veel meststoffen en irrigatie nodig hebben om goed te gedijen. Net zo zal een boom die te groot wordt voor de beschikbare ruimte, veel gesnoeid moeten worden.

Als u echt een boom wilt die niet optimaal aangepast is aan de omgeving die u hem te bieden heeft, dan zal dat een beperking vormen. De voldoening om deze bijzondere boom in uw tuin te hebben zal dan veel extra middelen en onderhoud vergen. In plaats daarvan raden wij u aan er een te kiezen die past bij uw levensstijl en bij de omgeving waar hij geplant zal worden.

Afvallend(e) loof, fruit en noten:

Alle bomen verliezen bladeren (of naalden, als het naaldbomen zijn), maar sommige laten ook zaden, vruchten, noten of andere zaken vallen die als hinderlijk kunnen worden beschouwd. Zelfs groenblijvende bomen verliezen bladeren. Maar bij kleinbladige planten is natuurlijk minder harken noodzakelijk dan bij grootbladige.

Overlast en gevaar:

Bomen met afvallende vruchten kunnen vlekken maken op de oppervlakken eronder. Daarom kunt u deze soorten beter niet planten op terrassen, dakterrassen of parkeerplaatsen. Noten kunnen gevaarlijk zijn op harde oppervlakken, omdat ze als knikkers onder uw voeten rollen en sommige oppervlakken kunnen beschadigen. Van sommige bomen is ook bekend dat het sap eruit druppelt of dat ze enorme hoeveelheden stuifmeel verspreiden.

Esthetische karakter:

Voor u of voor veel tuinders is dit misschien wel het belangrijkste aspect. Het staat helemaal onderaan op onze lijst, niet omdat het onbelangrijk is, maar omdat het gemakkelijker is ongeschikte soorten te weren op grond van functionele vereisten en dan pas naar het uiterlijk te kijken. Het is een kwestie van persoonlijke voorkeur en van kiezen wat het beste past in de bestaande omgeving of van de uitstraling te creëren die u wilt bereiken.

  • Bloemen – Kleur, grootte, geur en seizoen zijn allemaal relevante factoren.
  • Groeivorm – Zuilvormig, piramidaal, lollyvormig, vaasvormig, treurvormig, meerstammig, breed en gespreid zijn verschillende groeivormen van bomen waarmee u rekening moet houden.
  • Bladkleur – Er bestaan veel tinten groen, maar er zijn ook bladeren met paarsachtige, bronskleurige of geelgroene accenten. Ook de herfstkleuren verschillen van soort tot soort.
  • Bladtextuur – De grootte van de bladeren en of ze glanzend, mat, klein, groot, schaars of overvloedig zijn, heeft veel te maken met het uiterlijk en de uitstraling van de boom in het landschap.
  • Speciale effecten – Sommige bomen lenen zich voor Franse tuinen, Japanse rotstuinen, tropische thema’s, mediterrane landschappen, enz.
Balise Alt

Bijkomende overwegingen:

Verder bestaan nog tal van andere unieke situaties die de soorten die goed bij u passen nog meer beperken. Kies dus verstandig om mogelijke gevaren te vermijden.

Voorbeeld: zilveresdoorns worden gemakkelijk beschadigd bij storm.

  • Ook kunt u rekening houden met de groeisnelheid van de boom, als u dringend behoefte hebt aan schaduw.
  • Sommige bomen hebben zeer invasieve wortelstelsels en zijn moeilijk te onderhouden.
  • Andere hebben de neiging bij storm takken te verliezen en zijn een slechte keuze voor bij een parkeerplaats of in gebieden met zware sneeuwval of harde wind.
  • Ook moet u erop letten dat u plant niet invasief is in uw streek, zodat hij niet overal in uw tuin uitloopt.

Naar welke soort of type boom of struik moet u op zoek?

Als u bomen bij een kwekerij koopt, raden wij u aan de volgende punten in acht te nemen om er zeker van te zijn dat u vertrekt met een gezond en aantrekkelijk exemplaar, dat een lang en gelukkig leven in uw tuin zal leiden:

  • Gezonde bomen met een goede takvorming;
  • Enkelstammige bomen, met rechte stammen die van boven uitwaaieren en met takken die gelijkmatig rond de stam verdeeld zijn;
  • Bij meerstammige bomen moeten de bomen er goed uitzien en in alle richtingen groeien;
  • Bomen met gezonde takken die gelijkmatig verdeeld zijn, geen grote takken die tegen de stam aangedrukt zijn;
  • Planten met schone bladeren en zonder donkere vlekken, verkleuringen, gaten of insecteneieren;
  • Natte vezelige wortels, die beter zullen zijn dan houtachtige wortels in potten;
  • Bomen zonder grote, dode, gewonde of overkragende en over elkaar schurende takken. Een gebarsten schors, stamschade, twee concurrerende scheuten duiden op een mogelijke aantasting door insecten of op een ziekte.
Balise Alt

Tijd om te planten!

De herfst is de beste periode om een boom te planten, na het vallen van de bladeren (afnemende sapstroom en vóór het invallen van de vorst) of helemaal aan het begin van de lente (vóór de opkomende sapstroom en het verschijnen van knoppen of bladeren).

In onze contreien bestaat het gezegde: “Op Sint-Katelijne schiet al het hout wortel” en die dag is 25 november. Het komt erop aan de dingen aan te voelen, want de beste manier om uw tuin goed te onderhouden, is hem aan te voelen…

Overzicht van de bomen en struiken om in uw tuin in belgië aan te planten:

Hier volgt een lijst van bomen en struiken, en grote en kleine fruitbomen om in uw tuin te planten, omdat ze bijzonder aangepast zijn aan het Belgische klimaat. Ze zorgen voor een grote biodiversiteit in uw tuin, zowel voor vogels als voor insecten, en bovendien zijn ze meestal inheems. Ze werden geselecteerd op hun resistentie, hun groeikracht, hun schoonheid en nog veel meer.

Photos d’arbres et arbustes à planter:

Nom français Nom latin Indigène Type de sol Ensoleillement Floraison Hauteur (m) Envergure (m) Intérêt pour la biodiversité Intérêt paysager Points d’attention
Cornouiller sanguin Cornus sanguinea oui sec à humide supporte l’ombre mars – avril 3 – 4
3
Oiseaux : fruits rouges comestibles appréciés des oiseaux. Coloris automnaux, jeunes branches de couleur rouge en hiver. Fruits non comestibles.
Eglantier Rosa canina oui normal soleil à mi-ombre juin – juillet 1 – 5
1,5 – 3
Oiseaux : apprécient ses fruits rouges (pour certains, les graines) et s’y abritent. Fleurs blanc-rose. Arbrisseau épineux
Erable champêtre Acer campestre oui sec à moyennement humide soleil à mi-ombre avril – mai 7 – 15
5 – 10
Insectes : hôte de nombreuses espèces d’insectes (papillons, coccinelles…). Feuillage arborant de belles couleurs automnales.
Feuillage bien dense permettant une haie occultante.
Fusain d’Europe Evonymus europaeus oui normal à peu humide a besoin de lumière avril – mai 2 – 5
5
Les fruits sont très appréciés des oiseaux. Fruits très esthétiques Attention: fruits toxiques pour l’humain
Genêt à balais Cytisus scoparius oui sec a besoin de lumière, bon ensoleillement mai – juillet 1 – 3
2 – 3
Intéressant pour de nombreux insectes dont les abeilles sauvages (les bourdons en particulier), des papillons… Forte production de petites fleurs jaunes denses.
Arbuste semi-persistent.
Graines toxiques pour l’humain
Hêtre Fagus sylvatica oui normal supporte l’ombre avril – mai 35 – 40
25 – 30
Fruits intéressants pour les oiseaux. Coloris automnaux. Feuillage marcescent.
Nerprun purgatif Rhamnus cathartica oui sec à normal supporte l’ombre mai – juin 3 Fruits noirs apparaissant en automne et intéressants pour les oiseaux. Fleurs en grappes fournies. Sous-bois clairs et lisières.
Noisetier Corylus avellana oui normal à peu humide soleil à mi-ombre janvier – février 4 – 6 Fruits (septembre – octobre) intéressants pour les oiseaux et de petits mammifères. Se ramifie en cépée à partir du sol et feuillage dense. Rustique, résiste à des températures très basses. Convient bien pour les taillis et sous-bois.
Fruits comestibles.
Orme champêtre Ulmus minor oui sec soleil à mi-ombre mars – avril 10 – 30
2 – 3
Accueille des papillons rares. Petites fleurs rouges suivies de grappes de fruits verts. Rustique.
Mais sensibilité à la maladie de l’orme.
Pommier sauvage Malus sylvestris oui normal soleil avril – mai 6 – 10 Fleurs nectarifères intéressantes pour les pollinisateurs. Beaux boutons roses s’ouvrant en fleurs blanches à rosées.
Saule blanc Salix alba oui sol normal à humide soleil à mi-ombre avril – mai 25
10
Intéressant pour les oiseaux cavernicoles qui y trouveront des abris et pour les insectes. Les fleurs sont des châtons jaunes (plants mâles) ou verts (plants femelles). Espèce dioïque.
Sorbier des oiseleurs Sorbus aucuparia oui tous types de sols soleil mai – juin 5 – 8 Plante hôte d’insectes. Les oiseaux se régalent de ses baies rouges. Floraison généreuse et belle fructification de grappes de baies rouges qui persiste de l’été à décembre. Rustique, supporte les hivers rigoureux et est tolérant à la pollution atmosphérique.
Sureau noir Sambucus nigra oui tous types de sols soleil à ombre juin – juillet 2 – 6
3 – 6
Plante hôte d’insectes. Fruits consommés par les oiseaux en fin d’été. De petits mammifères comme le hérisson peuvent aussi manger les baies tombées au sol. Larges inflorescences blanchâtres, fruits noirs. Les baies noires peuvent laisser des taches au sol.
Viorne obier Viburnum opulus oui sol normal à humide soleil à mi-ombre mai – juin 2 – 4 Fruits rouges vifs peu consommés par les oiseaux mais les fleur sont très attractives pour les insectes. Fleurs blanches en élégantes inflorescences rondes présentant des fleurs plus petites à l’intérieur, plus grandes sur le pourtour.
Fruits en septembre.
Fruits toxiques

Quelques exemples d’arbres fruitiers:

Photos d’arbres fruitiers:

Nom français Nom latin Indigène Type de sol Ensoleillement Floraison Hauteur (m) Envergure (m) Intérêt pour la biodiversité Intérêt paysager Points d’attention
Cognassier Cydonia oblonga non normal soleil mai – juin 4 – 8
2 – 3
Insectes : hôte de différents papillons et fleurs nectarifères. Fleurs blanc-rose, floraison assez décorative Rustique, il a besoin d’une période de froid (sous 7°C) pour fleurir correctement
Produit des fruits à pépins
comestibles, les coings.
Cornouiller mâle Cornus mas oui sec à normal supporte l’ombre mars 4 – 6
3 – 4
Oiseaux : fruits rouges comestibles appréciés des oiseaux.
Insectes : fleurs nectarifères.
Floraison jaune apparaissant avant les feuilles.
Coloris automnaux.
Fruits comestibles mais acidulés.
Néflier (commun) Mespilus germanica naturalisé sec à normal soleil à mi-ombre mai – juin 5 – 10
4 – 8
Hôte de chenilles de papillons. Fleurs blanches à roses. Fruits comestibles.
Prunellier Prunus spinosa oui tous types de sols soleil mars – avril 1,5 – 4
4
Intéressant pour les oiseaux et les insectes (fleurs précoces intéressantes pour les pollinisateurs). Floraison brève mais spectaculaire de petites fleurs blanches apparaissant avant le feuillage.
Ramification assez dense.
Fruits comestibles, mais âpres et astringents récoltés en novembre, décembre.
Nombreux rejets possibles autour du plant. Rustique, résiste bien aux hivers rigoureux.
Epineux.

Quelques exemples de petits fruitiers:

Photos de petits fruitiers:

Nom français Nom latin Indigène Type de sol Ensoleillement Floraison Hauteur (m) Envergure (m) Intérêt pour la biodiversité Intérêt paysager Points d’attention
Framboisier Rubus idaeus oui tous types de sols mi-ombre mai – octobre 0,5 – 1,5
0,5 – 1,5
Fleurs très nectarifères intéressantes pour les abeilles, ainsi que sa très longue période de floraison. Intéressant pour densifier le bas d’une haie. Fruits comestibles.
Plante qui s’étend très facilement et rapidement, demandant de la contrôler. Elle peut être palissée.
Rustique.
Griottier Prunus cerasus naturalisé normal soleil avril – mai 2 – 6
5
Fleurs nectarifères et masse florale importante qui sont attractives pour les insectes pollinisateurs. Fleurs blanches à rosées. Fruits comestibles.
Groseillier à maquereau Ribes uva-crispa oui normal à humide soleil à mi-ombre mars – avril 1,5
1,5
Intéressant pour les insectes pollinisateurs (abeilles sauvages et papillons). Ramification dès la base. Rustique, supporte bien les hivers rigoureux.
Fruits comestibles.
Groseillier rouge Ribes rubrum oui normal à humide supporte l’ombre avril 1,5
1,5
Fleurs nectarifères intéressantes pour les pollinisateurs.
Fruits appréciés par les oiseaux.
Discrètes petites grappes de fleurs jaunes-vertes. Ramification dès la base. Fruits comestibles.